Kinkhoest

Kinkhoest is een besmettelijke ziekte. Mensen krijgen het door een bacterie. In Nederland worden kinderen ingeënt tegen kinkhoest. Toch krijgen kinderen en volwassenen regelmatig kinkhoest.

Wat zijn de klachten bij kinkhoest?

Kinkhoest kan beginnen met koorts, verkoudheid en hoesten. Na ongeveer twee weken worden de hoestbuien erger, vooral ’s nachts. Tijdens de hoestbui kan iemand erg benauwd worden en gaan braken. Sommige mensen hoesten veel slijm op. Van de hoestbuien kan iemand erg moe worden. Na een paar weken wordt het hoesten langzaam minder. Baby’s hoesten meestal niet. Zij worden benauwd, blauw in het gezicht en gaan slecht drinken. De tijd tussen besmet raken en ziek worden is meestal zeven tot tien dagen. Het is nooit meer dan 21 dagen.

Hoe kun je kinkhoest krijgen?

De kinkhoestdruppeltjes zit in de keel van iemand die besmet is. Door hoesten, niezen en praten komen kleine druppeltjes met de bacterie in de lucht. Mensen kunnen deze druppeltjes inademen en besmet raken. Kinkhoest is vooral besmettelijk aan het begin van de ziekte. Iemand weet dan vaak nog niet dat hij kinkhoest heeft. Iemand is besmettelijk tot vier weken na het begin van de hoestbuien. 

Wie kan kinkhoest krijgen?

Iedereen kan kinkhoest krijgen. Iemand die ingeënt is tegen kinkhoest kan het ook nog krijgen. Door de inentingen wordt iemand minder ziek. Als je kinkhoest hebt gehad, kun je het ook opnieuw krijgen. Vooral jonge baby’s kunnen erg ziek zijn door kinkhoest. Ook kinderen met ernstige ziekten van longen, hart of spieren kunnen erger ziek worden. Heb je kinkhoest en ben je meer dan 34 weken zwanger? Overleg dan met je huisarts. Als zwangere vrouw kun je de baby besmetten direct na de geboorte. Heb je kinkhoest en ben je nog besmettelijk? Blijf dan uit de buurt van jonge baby’s en vrouwen die binnenkort gaan bevallen. Ben je wel in de buurt geweest van een baby of een zwangere vrouw? Vertel aan de ouders van de baby of de zwangere dat je kinkhoest hebt. Zij kunnen dan overleggen met hun huisarts.

Kinkhoestvaccinatie voor zwangeren Kinkhoestvaccinatie voor zwangeren

 

Wat kun je doen om kinkhoest te voorkomen?

Kinderen worden ingeënt tegen kinkhoest. Als je alle inentingen hebt gehad kun je nog wel kinkhoest krijgen. Je wordt dan minder ziek.

Netjes hoesten en niezen kan helpen om kinkhoest te voorkomen:

  • Het beste is om een papieren zakdoek te gebruiken.
  • Heb je geen papieren zakdoek bij de hand? Hoest dan in de plooi van de elleboog.
  • Gooi de zakdoek weg na gebruik.
  • Leer kinderen ook netjes te hoesten en niezen.
  • Was regelmatig je handen met water en zeep, zeker na een flinke hoest- en niesbui.

Is kinkhoest te behandelen?

De huisarts kan onderzoeken of iemand kinkhoest heeft. Denk je dat je baby kinkhoest heeft? Neem direct contact op met de huisarts. Antibiotica kunnen ervoor zorgen dat iemand minder lang besmettelijk is. Dat heeft alleen zin als iemand minder dan drie weken hoest. De klachten worden door de antibiotica niet minder. Je kunt met je huisarts overleggen of dit nodig is Je kunt hoestdrank gebruiken om minder last te hebben van de klachten. Soms helpen medicijnen om het slijm beter op te kunnen hoesten. Je kunt bij de apotheek of drogist vragen wat je het beste kunt gebruiken. 

Moet iemand met kinkhoest thuis blijven?

Voelt een kind zich goed? Dan kan het kan gewoon naar het kinderdagverblijf, peuterspeelzaal of school. Kinkhoest is al besmettelijk voordat iemand weet dat hij kinkhoest heeft. Thuis blijven helpt niet om te voorkomen dat anderen kinkhoest krijgen. Heeft je kind kinkhoest? Vertel het dan aan de leidster of de leerkracht. Zij kunnen in overleg met de GGD andere ouders informeren. Ouders kunnen dan letten op de klachten van kinkhoest bij hun kind. Iemand met kinkhoest die zich goed voelt, kan meestal gewoon gaan werken. Werk je met jonge kinderen of in de zorg? Dan moet je eerst met je werkgever overleggen voordat je weer gaat werken.

Download de folder Download de folder

 


School of kinderopvang?

Voor docenten van scholen en medewerkers van kinderdagverblijven is er meer informatie beschikbaar over infectieziekten.

Infectieziekten op school of kinderopvang Infectieziekten op school of kinderopvang

Contact

Heb je vragen? Neem contact op met het team Infectieziektebestrijding. E-mail: infectieziekten@ggdfryslan.nl

Bereikbaar op werkdagen tussen 9.00 - 17.00 uur

Op deze website gebruiken we cookies