Bekijk het laatste nieuws op onze coronapagina, ontdek meer over vaccineren en lees meer info voor professionals

Bof

De bof is een zeer besmettelijke infectieziekte. Bij kinderen is de ziekte meestal onschuldig, bij ouderen kunnen de complicaties ernstig zijn.

Wat is bof?

De bof is een besmettelijke ziekte. Mensen krijgen bof door het bofvirus, waarbij een speekselklier bij het oor ontstoken raakt. Niet iedereen die de bof heeft wordt ziek. Je kan dus ook de bof hebben zonder klachten, dan kun je wel anderen besmetten. 

Hoe werkt een besmetting?

Het bof-virus zit in de neus en keel van iemand die besmet is. Door hoesten en niezen wordt het virus in de lucht verspreid. Zo vindt besmetting plaats. Mensen die het virus bij zich dragen, kunnen anderen besmetten, ook als ze zelf niet ziek zijn. De bof is het meest besmettelijk vanaf een tot twee dagen voordat de speekselklieren opzwellen tot vijf dagen daarna. 

Wat merk ik?

Niet iedereen die de bof heeft wordt ziek. De klachten kunnen zijn:

  • Dikke wang en hals, vaak aan één kant van het gezicht 
  • Pijn in of achter het oor, vooral bij kauwen en slikken 
  • Droge mond 
  • Koorts 
  • Hoofdpijn 

Wat kan ik doen?

De bof gaat na een week vanzelf weer over, net als de klachten. Bel de huisarts als je denkt dat je de bof hebt. De huisarts kan onderzoeken of je echt de bof hebt. 

Thuisblijven helpt niet om te voorkomen dat anderen ziek worden. 

  • Voelt een kind zich goed? Dan kan het gewoon naar de kinderopvang of school. De bof is al besmettelijk voordat iemand klachten krijgt.  
  • Heeft jouw kind de bof? Vertel het dan aan de pedagogisch medewerker of de leerkracht. Zij kunnen in overleg met de GGD andere ouders informeren. Ouders kunnen dan letten op de klachten van de bof bij hun kind. 
  • Voelt een volwassene met de bof zich goed? Dan kan hij weer naar het werk. Werk je in de zorg of met kleine kinderen? Overleg dan eerst met jouw werkgever, de bedrijfsarts of de GGD voor je weer gaat werken. 

De belangrijkste maatregel om bof te voorkomen is een vaccinatie tegen bof. Een volledige bescherming bestaat uit twee prikken met het BMR-vaccin (Bof, Mazelen en Rode hond). De meeste kinderen in Nederland worden gevaccineerd tegen bof als ze veertien maanden en negen jaar zijn, volgens het Rijksvaccinatieprogramma (RVP). 

Iemand die de bof heeft gehad kan de ziekte niet opnieuw krijgen. 

Heb je nog vragen?

Neem gerust contact met ons op. Hoe? Dat bepaal jij zelf. Bekijk de verschillende manieren.

Op werkdagen bereikbaar van 08.30 - 17.00 uur